Overtoom deel 6. De Sloterkade en de Kraaienknip.       


Fot Jac.Olie - Gemeente Archief.

Deze kade, welke tot het einde van de vorige eeuw nog Sloterweg heette, omdat deze toen de enige weg van hier naar dit dorp was, ziet u op bovenstaande foto uit 1896 en bevindt de Overtoomsche Sluis zich ter hoogte van de derde scheepsmast. Op deze echt dorpse afbeelding zien we een landauer (paard met huifkar) bij de tolboom staan, terwijl de daarnaast staande tolbaas zijn penningskens in ontvangst neemt. Om dit obstakel bij duisternis kenbaar te maken, zien wij rechts daarvan een olielantaarn staan, waarvoor enkele karren, welke daar door hun eigenaars waren achtergelaten, om het tolgeld aldus uit te sparen. Tevens is nog een van de walhuisjes te zien, welke daar als bevrachtingskantoortje dienden voor de verschillende beurtvaartdiensten naar Zuid-Holland, welke hier hun laad- en losplaats hadden en waar dus de leden van de reeds omschreven "Boezeroenenclub" hun emplooi vonden. De linker huizenrij bevat dus de vele winkeltjes en bedrijven ten dienste van de scheepvaart en haar opvarenden. Wij zien hier, dat de tolbaas ook in Tabak en Sigaren deed.
Als wij dus deze Sloterweg van die jaren verder volgen, ontdekken wij op de nummers162-168 een (toen) nieuw industrieterrein, waarop de eerste plaatselijke vestigingen van de Electriciteits Maatschappij A.E.G., de N.V. Schoen- en Lederindustrie "Bata" en de Amsterd.Batterijenfabriek V.V.
Aan de andere zijde van de Schinkel verrees de Hollandsch Zwitsersche Chocoladefabriek van Sickesz, welke bedrijven aldaar inmiddels allen weer verdwenen zijn.
Even verder, na een bocht in de weg, begon naast het buitencafé Hatting dat heerlijke Jaagpad waarvan het eerste gedeelte een donker smal straatje was, veroorzaakt door een rijtje kleine huisjes met daar tegenover de zwaar begroeide bult van begraafplaats Te Vraag. Komende uit die schemerige mysterieuze gang lag daar in haar volle glorie, badend in het zonlicht, die wijde Schinkel te blinken.

     
Jaagpad met Huis Te Vraag en Schinkel.            Jaagpad met blinkende Schinkel                    Jaagpad met rechts de begraafplaats Te Vraag.
Tekening van H.Numan 1814.

Voor kort ben ik daar nog eens gaan kijken.... Café Hatting en al die huisjes zijn verdwenen voor.....een parkeerterrein. Te Vraag is verzakt en ligt er treurig bij, terwijl  De Schinkel nergens te bekennen is vanwege een lange rij gigantisch lompe woonschuiten langs het Jaagpad, dat nu twee tegels breed is geworden, waarover fietsers en motoren jakkeren, ten spijt van "verbods-borden", waardoor voetgangers de slootkant ingedreven worden. Tel uit je winst en "geniet" maar van deze moderne beschaving.

De Begraafplaats Te Vraag lag toen ver buiten de stad en een heel eind voor de aansprekers, "kraaien" genaamd, welke, weer of geen weer, achter de lijkwagen lopend deze afstanden steeds weer moesten afleggen. Na zo een meestal langdurige plechtige teraardebestelling, wat óók hun werk was, lieten zij zich maar al te graag voor een dubbeltje in de beschutte autobus naar de bewoonde wereld terugrijden.

Zo ging het ook tijdens een hevig noodweer met stormkracht 10, dat zij akelig-geteisterd in omnibus G de Sloterkade afhobbelden. Daar stonden enkele huizen in aanbouw welke nog niet glasdicht waren. Doordat daar ook geen andere bebouwing achter stond, kreeg de orkaan vat op het dak, lichtte dat op en kwakte dit precies op de passerende autobus... Daardoor zaten de kraaien in de knip en was de "Kraaienknip" geboren.

Later werd ook bus A (Nieuwe Ooster Begraafplaats) aldus vernoemd.
Een zéér bejaarde (nogal verstrooide) oud-bewoonster vertelde mij dat het niet de bus, maar de begrafenisstoet zelf was, welke bedolven werd. Op mijn belangstellende vraag of gelijk met al die gewonden toen ook de "beschadigde dode" naar het Buiten Gasthuis werd vervoerd wist dit oudje geen enkel antwoord te geven...


Terug.