

Eerst ging onze Kinderboerderij geheel in vlammen op
en nu ook dit gebouw hetzelfde lot deelde, is ter weerszijden van de
Kostverloren Wetering een "zeker evenwicht" ontstaan, nl. LEEG.

Als laatste dreef Kortekaas hier zijn
Antiek-handel annex stoffeerderij en bewoonde Poelenjee tot zijn overlijden de
eerste etage op nr. 139. Zijn markante rijzige figuur, met volle grijze baard en
schipperspet was een graag gezien persoon, zowel bij onze buurtbewoners als de
voorbijvarende schippers, welke altijd op zijn spontaan opgeheven hand als groet
konden rekenen. (Deze laatsten zullen nu tevergeefs naar hem en zijn huis
uitzien, 't was een traditie...
De voorlaatste brand aan de Baarsjesweg woedde rond 1919 in de bakkerij, vlak
bij de molen en was de eerste welke ik, toen nog een klein jochie, heb gezien.
Een mensenleven later dus, kwam deze brand, welke dan ook werd gesticht door
(laat ik netjes blijven) niet de allerbesten onder ons !!!
En dan nu....de oplossing van de PRIJSVRAAG over
die NOODBRUG welke schijnaar voor velen te moeilijk was ? Ach, kom nou....
In elk geval werd deze fantastisch goed opgelost door Dhr. Kees Jaap Harting,
uit de Douwes Dekkerstraat 27', want deze "speurneus" nam het
tramgeschiedenisboek ter hand: "Van paardetram naar dubbelgelede" door
W.J.M. Leideritz, wetende dat tram's en bruggen niet samengaan en ontdekte op
blz 165/7 dat zowel de lijn 7 als 17 gedurende de periode van 11 Augustus 1936
tot 25 September 1937 niet meer over de Kinkerbrug reden, maar een tijdelijk
eindpunt hadden in de Lootsstraat/Borgerstraat. Een lijn 15 nam het overige
traject, achter de brug, voor zijn rekening. Dit was noodzakelijk doordat de
oude, te smalle draaibrug vervangen werd door de huidige hefbrug.
Deze hele geschiedenis heeft Harting uitvoerig en in een prima stijl op papier
gezet. En dan te bedenken dat hij van een jonge generatie is, bij de
"import" behoort en pas kort in onze stad woonachtig is.... Toch wel
een lesje voor de ouderen, die een paar fijne boekjes zijn misgelopen, welke
deze Kees Jaap dus eerlijk verdiend heeft. Proficiat.
De andere boekwerkjes zijn toen maar oinder de mindere goden verdeeld.