
Buurtschap De Baarsjes, met rechts het café,
vlak voor de
sloop in 1956. De bomen zijn reeds verdwenen.
(deze plek is het verwilderde graslandje tegenover het
Zimmer-terrein.)
Mei mij zullen velen uwer genoten hebben van het
goed geschreven artikel in het Amsterdamse Stadsblad (v/h Wiering) over het Bos
van Betlem, dat paginagroot op blz.15 van 1 September afgedrukt stond.
Dit was tot rond 1933 ook al zo'n bekende trekpleister voor een dagje uit.
Het was voor ons dan ook feest als wij per tram naar het C.S. reden, om vandaar
per boot van Rederij Bergman over het IJ en door het Merwedekanaal daar heen te
varen. Ook per Gooische Stoomtram gingen wij er wel heen, welke dan naast de
oude Muiderstraatweg rijdend vrijwel altijd moest wachten voor de openstaande
Merwedebrug. Deze was zo smal, dat de tram deze geheel in beslag nam. Dit was
niet zo bezwaarlijk want de file auto's telde hoogstens vijf wagens, slechts een
enkele stoomfiets en wat wielrijders...
Van dat "Betlem" herinner ik mij dat daar allerlei attracties waren en
het bos op ons kinderen erg mysterieus overkwam.
Op een andere vakantiedag voeren wij met een feestelijk gepavoiseerde stoomboot het "zeegat" uit, want de Zuiderzee was toen nog zee. Zowel op Marken als in Volendam werd aan land gegaan en de gebruikelijke rondgang gemaakt. Iedereen liep daar toen nog in klederdracht, zodat wij ons echt in-den-vreemde voelden. Passage f.1,50 kind f.1,00.
Enkele jaren later heb ik dit nog eens over
gedaan, maar dan als "The most varied trip in Holland". Wat als luxe
excursie veel duurder was en 3,-- gulden kostte en 7 uur duurde.
Per stoomboot vanuit het N.Z.Hollands Koffiehuis naar het gemoedelijke
stationnetje aan de overzijde van het IJ. Vandaar ging het per stoomtram via
Broek naar Monnickendam, waar een motorboot ons over de Gouwzee voer.

Na op Marken een binnenhuisje in de Kerkbuurt en
Sytje Boes in de Havenbuurt bekeken te hebben lag een echte botter klaar, welke
ons al zeilend naar Volendam bracht. Daar werd een rondleiding genoten en het
gezelschap begaf zich aan boord van een heuse trekschuit welke zo'n uur later in
Edam afmeerde.
In het plaatselijke museum werden o.a. de levensgrote schilderijen bewonderd van
"Grote Meid" uit de 16e eeuw (het lieve kind was ruim tweeeneenhalve
meter lang), de "Dikke Man", 445 pond en de "Man met de
tweeeneenhalve meter lange baard".
De steamtram bracht de vermoeide reizigers weer tot aan de reling van de
stoomboot, welke ons naar het vertrekpunt voer, alwaar de koffie klaar stond.
.............en nu vraagt U zich natuurlijk af
wat de afbeelding van De Baarsjes met dit onderwerp te maken heeft....
ALLES, want dat plekje was rond de eeuwwisseling het doel van menig stadsgenoot,
die aldaar zijn verpozing vond met spelevaren en hengelen, terwijl zijn kinderen
zich konden vermaken met de schommel, wip en draaimolen in de speeltuin, welke
toen nog lommerrijk was gelegen naast de herberg "De Drie Baarsjes",
waar men rustig van zijn biertje kon genieten. Dit kon ook in het even verder
gelegen "Polderhuis" van Buffing op no.133.
Op reis gaan was er toen niet bij, vandaar.....
