Een (buurt)-bioscopie-pikken..?           

Bestaat deze uitdrukking nu nog wel ?
Want ééns was dit doodgewone wekelijkse kost ! De jeugdigen onder ons zeggen nu vast: "Bioscópen in deze buurt, hoe komt hij dáárbij. Laat me niet lachen, alleen al het idéé....! Nu, de aller-oudsten kunnen zich nog vast wel de eerste bioscoop in onze Kinkerstraat herinneren. Deze was gevestigd in het hoekhuis van de Jan Pieter Heyestraat, alwaar nadien jarenlang C. Jamin een filiaal had.
Het waren in die tijd alleen zwart/wit en "stomme" films, waarin dus elk geluid ontbrak. Om nu aan dit soort "bewegende-toverlantaarnplaatjes" iets meer inhoud te geven, was er in de zaal een explicateur aanwezig, welke met z'n gesproken woord het getoonde van 't nodige commentaar voorzag. Heel vaak waren de door hem "gebezigde uitdrukkingen..." veel leuker en interessanter dan de film zelf. Zeker als hij (staande) ook nog de piano bespeelde en die achtergrondmuziek vanaf een zeer lieflijk geluid tot aan een donderend geweld, alle aanwezigen tot in het diepst van hun ziel ontroerde en dat voor de entrééprijs van matinéé 10 cent en avondvoorstelling voor drie stuivers. 
Beter in ons geheugen ligt de "Olympia Bioscoop in de Bellamystraat, vooral bekend als "De Plump". Hier werden in hoofdzaak Cowboys en moord-en-brand-films vertoond. Als je er toen voor zorgde om, geheel vooraan zittende, de publieke reacties over je heen te laten komen, werd je echt overweldigd door al het spontane medeleven van de in vuur en vlam geraakte toeschouwers. Uitdrukkingen als: "Hé. kijk uit boereklootzak, hij schiet je dadelijk door je sodemieter!" en "Lamlul, dat mot je mij is probere te flikken!", waren niet van de lucht. Kortom, een zaal vol "explicateurs". Het meest onaangename van deze tent was wel, dat je daar vaak met jeuk uitkwam en dan thuis wel op vlooienjacht moest gaan...

.   
Olympiabioscoop                                                                      Bioscoop De Liefde.

Een. geheel ander soort buurt-bioscoop was wel "Huize De Liefde". Misschien, tot teleurstelling van menig lezer, had deze naam niets met erotiek te maken, want zover waren wij in die tijd nog lang niet. Op weg naar de goede en serieuze films, werd je aldaar verwelkomd door een klein, heel erg pittig-vlot-beweeglijk vrouwtje, die de mantels en jassen in ontvangst nam en keurig in de garderobe weghing, vervolgens op kordate wijze haar gasten naar hun zitplaatsen begeleide en tijdens de lange pauze in de op de eerste etage gelegen koffiekamer een ieder een consumptie bracht. Dit was dus een echt familiegebeuren alwaar je met twee hoofdfilms de gehele avond echt uit was.
Het Hallen Theater, Jan van Galenstraat 41 (nu Kwantum) was wel een soort voornáme uitgaansgelegenheid, waarvoor men zich "op-z'n-Zondags" kleedde. Dit weer in tegenstelling voor de "Ambassade" in de Jan Evertsenstraat, of indien stadswaards gaande, het Asta Theater op de Rozengracht en het Prinsentheater op de hoek Prinsengracht/Leliegracht.(een gribus...)
   
Hallen Theater                                                                Edison Theater

Maar een echt gezellig en leuk-rommelig bioscoopje was voor mij toch wel de "Edison" op de Elandsgracht (nu tapijtenhal). Hier werden overwegend Europesche "burgerlijke" films vertoond. Voor hoogstens zeven stuivers was je er de avond onderdak. Het was daar altijd behaaglijk warm, waardoor dan ook vele Jordaners gedurende die crisis van de dertiger jaren hier weer wat op verhaal kwamen. Dit gold nog sterker gedurende de oorlogsjaren, toen het weinige brandstof ook nog "op de bon" was.
Tante Da zat daar op d'r dooie-doezie haar aardappelen te schillen en de spercieboontjes af te halen, terwijl ze met Opoe (van drie hoog achter) een prevelementje maakte, die op haar beurt weer ijverig bezig was van de wol ener uitgehaald oud kledingstuk, weer iets "nieuws" te breien... Ome Nelis hing achteloos achterover aan zijn zakflaconnetje ouwe-klare te lurken, om daarna opnieuw een poging te doen, de brand in zijn pijpie "apenhaar" te jagen, want het roken in de bios was toen heel gewoon. Alleen.... er was (haast) geen tabak. Het pakje Consi-sigaretten, op-de-bon dus, was vlug in rook opgegaan, dus "genoot" iedereen van de bekende "eigen-teeld", de "Belse-shag" (een soort gedroogd gras) en de op straat gevonden "buk-shag"....De optrekkende "smeulende-matrassen-walm" gaf een dusdanig rookgordijn, dat het filmbeeld zich daarin duidelijker aftekende dan op het daarvoor bestemde doek.
Deze, zich dreigend samenpakkende wolkenformatie, was een soort voortekenvan "de-bui-die-vanaf-1944-pas-goed-over-ons-heen-zou-losbarsten---!

Terug.